Van mijn vader


Ik heb een goed advies gekregen. Opschrijven wat me bezighoudt met gevoel, daarna pas je verstand er bij betrekken. Ik zal het proberen. En ondanks dit advies weet ik niet goed waar ik moet beginnen. Het onderwerp is vreemd voor me, ik begrijp het niet. En dat maakt het moeilijker voor mij om hierover iets te schrijven. Het houdt me wel bezig, maar anders, dat is lastig om uit te leggen.

Er zitten twee kanten aan, Peter is enorm in zijn voordeel bijgedraaid, dat is voor ons erg belangrijk. En die andere kant; dat je geconfronteerd wordt met, een luierwas die aan de lijn hangt te drogen, of gereed ligt om opgeborgen te worden. Een zoon die wel eens dik in de luiers loopt. Dat zijn aspecten die ik moeilijk hanteerbaar vind, nog steeds!

Maar de positieve kant wil ik niet onbelicht laten. Daar ben ik erg blij mee, ik wil het alleen niet gaan overdrijven. Je ziet je kind graag gelukkig en ik durf wel te zeggen dat Peter goed in evenwicht is. Hij is snel ‘volwassen’ geworden. En momenteel een prettig mens(je).

Iemand die een groot ‘sociaal’ gevoel heeft. Het ‘pubertje’ is niet meer. De uitdrukking ‘kleine kinderen, kleine zorgen, grote kinderen, grote zorgen’ heeft een andere betekenis voor me gekregen.

Het is een tijdje terug, dat Peter enorm ziek is geweest, we praten daar nog wel over. Die periode is erg intensief beleefd. Het heeft zijn sporen nagelaten zeg maar. Vooral omdat hij met de naweeën regelmatig geconfronteerd wordt. Ik denk alleen maar aan controlebezoeken waar Peter gespannen heengaat. Het sporten naar een minder intensief niveau heeft moeten brengen, ik weet dat hij het daar enorm moeilijk mee heeft. Er zijn wel andere hobby’s in de plaats gekomen. Missen doet hij het sporten wel.

Ik persoonlijk vind het idee, zelfs nu nog, niet goed te begrijpen dat je het fijn vindt, om je als klein kind te gedragen. Ik vind het wel dapper dat hij probeert, uit te leggen, te schrijven wat hij hierbij voelt. Het is me duidelijker geworden, ik heb alleen de neiging om te gaan zoeken waar dat gedrag vandaan komt. Soms maak ik mezelf het verwijt dat we te beschermend zijn geweest in de opvoeding. Het zit Peter in ieder geval niet meer in de weg. Als ik terugkijk, de periode dat het allemaal verkeerd ging. Zelfs helemaal dreigde te ontsporen, ben ik opgelucht dat we er zo doorheen zijn gerold. Gelukkig is hij niet in aanraking gekomen met drank, drugs. Misschien dat hij iets te jong was in die tijd om zijn heil in een café te gaan zoeken. Maar de vrienden waar hij mee optrok in die tijd, daar zijn veel zorgen om geweest.

En stil blijven staan bij de dingen die fout gingen. De verwijten die hij ons heeft gemaakt, die zelfs kwetsend zijn geweest. Het moment dat zulke verwijten over ons uitgestort werden, kon ik hem wel wat aandoen. En nu, begrijp ik pas goed dat Peter enorm met zichzelf overhoop heeft gelegen. We hebben het goed uit kunnen praten. En ik ben oprecht blij, dat hij ons weer in vertrouwen neemt. Het zijn ‘tropenjaren’ geweest waarin we de minder leuke karaktertrekjes van zoonlief hebben mogen aanschouwen en hebben mogen ondervinden.

En dan is het een opluchting om te horen, uit zijn mond dat hij zelf net zo, op een ‘zwarte periode’ terugkijkt.

De manier waarop Peter met zijn ‘andere ikje’, (zoals hij dat zelf noemt), omgaat wordt wat aanvaardbaarder voor me. Het is niet meer zo confronterend. Het is gelukkig niet meer zo dat hij thuis constant luiers draagt en liefst zo dik mogelijk. Of dat ik ieder weekend met een grote baby zit opgescheept. Ik ben wel eens uit huis gevlucht, momenten dat het me allemaal iets te veel werd. Het is in beter evenwicht.

De logeerpartijtjes die me héél lang dwars hebben gezeten, daar heb ik een ander idee over gekregen. Ik vind het fijn voor hem dat hij gaat logeren en zijn ei kwijt kan, zich even op kan laden. Al ben ik niet benieuwd naar de finesses. Ik merk aan hem dat hij daar naar uitkijkt, blij weggaat en blij terugkomt. Ik ben blij dat hij er niet omheen draait. Ik weet wel wat daar gebeurt, ik begrijp dat Peter die uitlaatklep nodig heeft. En ik ben er zeker van dat Peter in goede handen is. Over zijn uitstapjes naar concerten, musea, taptoes en dergelijke daar wil ik alles van weten. Maar zijn ‘luierbelevenissen’ (liever) niet.

Ik respecteer Peter, helemaal hoe hij omgaat met zijn voor mij, vreemde verlangen. Dat is wel eens anders geweest. En ik heb wel eens moeite om de goede woorden te vinden om hem te vertellen dat ik van hem hou, zielsveel van hem hou. Ik zeg dat wel eens te weinig. Dus doe ik het op deze manier!

©Mv/H 2001


Terug