Afdeling Lawaai


Peter,

Veel hebben we samen beleefd en meegemaakt. Vanaf het eerste begin vonden we elkaar allebei lastposten. Jij die me sullig kon vinden. ‘Een boek lezen’, wat is daar nu spannend aan.

En ik heb je meerdere malen hartgrondig vervloekt. Het begon al ‘s ochtends, een beetje bijkomen van je diepe slaap als je uit bed komt, je had er nog nooit van gehoord. De trap af stormen, met alle deuren slaan, radio en tv aan en geluidsniveau maximaal. En soorten muziek die niet om aan te horen zijn en liefst meebrullen. Nooit stil kunnen zitten, ik werd al moe als ik  alleen maar naar je keek. Ik begreep jou vaak niet, jij begreep mij vaak niet. We zullen menig oorlogje letterlijk hebben uitgevochten.

Véél later zijn we wat meer naar elkaar toegegroeid. Ik kon me wel eens ergeren aan je drukke gedrag. Later kon ik me verbazen hoeveel energie van je af kon spatten. Een dag van 24 uur daar had je lang niet genoeg aan, een week die ´maar´ zeven dagen duurde helemaal niet.

Je hulpvaardigheid, helemaal dat ik geholpen moest worden met verhuizen omdat Annemiek en ik besloten te gaan samenwonen. En jij thuis een grotere kamer kreeg. Het behangen en witten hebben we je moeten leren. Vooral dat witsel op plafonds terecht moet komen en niet op jezelf. Met behangen dat je iets ruimer het behang moet meten dan de muur lang is. Anders heb je tekort behang op een muur zitten en dat staat zo raar.

We zijn wat vaker dingen gaan ondernemen met zijn tweeën. Alleen zwemmen heb ik ene keer met je gedaan en dat was meteen voor het laatst. Ik bewaar lieve herinneringen aan je. Mijn lastige onrustige broertje met een héél klein hartje. De liefste herinnering dat je voor het eerst je neefje kwam begroeten. Wat was je druk met Rick, handjes en voetjes bekijken. Wel tig keer zijn vingertjes en teentjes tellen. Verwonderd kijken en melden hoe klein alles wel was aan je neefje.

Leuke dingen om samen naar het Stadspark te gaan met Pa. Een concert van de Rolling Stones. Samen voetballen kijken. Even gaan snookeren en Pa half dronken thuis afzetten.  Gewoon om eens te praten met elkaar, wat iedere keer wat beter lukte.

Trots zijn op je broertje, je had toch maar besloten om te gaan studeren. Het ging je waarachtig makkelijk af bovendien ondanks alle tegenslagen. Ziekte en zeer wilde je niet van horen. Berehard kon je voor jezelf zijn.

Van je horen met al je woeste gebaren om duidelijk te maken wat je beleefd had met uitjes en wat voor een onzindingen je allemaal wel niet had uitgespookt. Je heerlijke invallen tijdens de gezamenlijke vakanties. de kanotochten, partijtje abseilen, je goed bedoelde speurtochten, die helaas  altijd, geen enkele keer uitgezonderd, op niets uitliepen.

Je invallen, om op visite te komen en het plan opvatten om eens lekker voor ons te gaan koken. Meesterlijk geweldig gegeten op die momenten. Je glimmende ogen op die momenten. Af en toe die momenten dat je even 'rustig' op de bank dicht, erg dicht naast me kwam zitten. Je warmte en betrokkenheid en je onvoorwaardelijke vriendschap.

"Afdeling Lawaai"; je was me der ééntje zeg.

 

Erick©2005


Terug